"Wat ben ik blij met kostbare pleeggezinnen!"

Raadsonderzoeker Denise* hoeft niet lang na te denken wanneer haar gevraagd wordt naar bijzondere cases uit haar dagelijkse praktijk. Ze diept met gemak voorvallen op uit haar geheugen. We selecteerden drie verhalen. Dit is de eerste, over twee kinderen die een liefdevol thuis vonden bij hun kleuterjuf.

Als raadsonderzoeker voert Denise gesprekken met kind, ouders en anderen die het kind goed kennen. Dat gebeurt bijvoorbeeld op basis van meldingen van instanties als de gemeente of Veilig Thuis. Ze onderzoekt of een kind veilig is in de thuissituatie en zich goed ontwikkelt. Als dat niet zo is, overlegt ze met een jurist en gedragsdeskundige over te nemen maatregelen zoals ondertoezichtstelling of –in zeer ernstige situaties- een uithuisplaatsing.

Een tijdje terug komt er een verzoek van de gezinsvoogdij- instelling: kan de Raad voor de Kinderbescherming onderzoeken of het gezag van een moeder beëindigd dient te worden?

Pleeggezin

“Enkele jaren geleden deed ik onderzoek bij een alcoholverslaafde moeder en haar twee fysiek en emotioneel verwaarloosde kinderen. De kleuterjuf was al lange tijd hun beschermengel: ze haalde de kinderen vaak thuis op (‘Ach, het is niet zo ver van mijn huis’) en liet de kinderen vaak na school ‘helpen’ als ze niet of te laat werden opgehaald door hun moeder. Zij was het ook die aan de bel bleef trekken bij Veilig Thuis over de onveiligheid voor de kinderen. Wat een prachtige vrouw! Zij had zowel bij ons als haar leidinggevende aangegeven dat zij voor de kinderen kon zorgen en nam na ons onderzoek de kinderen liefdevol op in haar gezin. Wat ben ik blij met zulke kostbare pleeggezinnen!”

Kind met teddybeer
©RvdK

'Ze mag ze hebben'

“De wet- en regelgeving gebiedt dat na twee jaar bekeken moet worden of het kind kan blijven waar het is en wat het belang is van het uit huis geplaatste kind? Het laatste raadsonderzoek dat dan volgt is of de ouders -in dit geval de moeder- het gezag kunnen behouden. Ook hiervoor sprak ik opnieuw met de kinderen. Via de kleuterjuf maakte ik een afspraak om de kinderen na schooltijd op haar school te treffen. De kinderen waren gegroeid en zaten op -inmiddels veel te kleine- stoeltjes in de kleuterklas van hun pleegmoeder op mij te wachten. Het emotioneerde me hen weer te zien. Ze vertelden enthousiast over hun nieuwe leven en het viel me op hoe respectvol ze over hun -inmiddels rondzwervende- moeder praatten. Dat kan alleen maar als het pleeggezin kinderen hierin goed begeleidt. Wederom applaus voor dit fantastische pleeggezin.

Via een hulpverlener kreeg ik moeder te pakken. Zij wenste echter niet in gesprek te gaan met mij. Moeder reageerde uiteindelijk op de voorgenomen gezag beëindiging met een appje: ‘Ik weet dat ik geen moeder ben, dat wilde ik ook nooit zijn. De juf is een lieve vrouw. Ze mag ze hebben’. Zo eindigde het gezag van de moeder en kreeg de kleuterjuf de voogdij.”

Verslavingsproblematiek

“Terugkijkend is dat moment me het meest bijgebleven: het gaf mij het geval dat de moeder zo ogenschijnlijk gemakkelijk afstand deed van haar kinderen. Ze nam niet eens de moeite om op gesprek te komen en vond het allemaal wel best. Zo verdween haar kostbaarste bezit uit haar leven, het was hartverscheurend. Helaas gaat dat vaker zo als er verslaving in het spel is, weet ik uit ervaring. Chronische verslavingsproblematiek verkleint de kans op succesvolle hereniging met ouders. Dat maakt me extra dankbaar wanneer er dan een fijn pleeggezin is.”

*Denise is vanwege privacy een gefingeerde naam.