Gedragsdeskundige Amy: "Kinderen moeten ervaren dat hun verhaal ertoe doet"

Sinds anderhalf jaar werkt Amy als gedragsdeskundige bij de Raad voor de Kinderbescherming. In een testimonial vertelt ze waarom ze haar werk zinvol en uitdagend vindt.

Wat het werk als gedragsdeskundige binnen de Raad voor de Kinderbescherming (RvdK) voor mij zo leuk maakt is de diversiteit. Het werk is heel afwisselend en uitdagend door de complexiteit van de problematiek en de vraagstukken waar je op een dag mee te maken krijgt. Zo ben je het ene moment bezig met een zwangere tienermoeder en haar ongeboren baby, en een uur later overleg je over een puber die volgens de ouders thuis niet meer te houden. Veelal hebben we te maken met multiprobleemgezinnen, waarbij veel factoren spelen die de problemen veroorzaken en in stand houden. Je bent continu bezig met een vorm van procesdiagnostiek, waarbij je op een breed vlak je kennis benut en waarbij je jouw analytisch vermogen volop kunt aanspreken.

Creëren van diepgang

Hoewel je als gedragsdeskundige de cliënten niet altijd ziet of spreekt ben je wel nauw betrokken bij het onderzoek en draag je op verschillende manieren bij aan waarborgen van de veiligheid en de ontwikkeling van kinderen. De kernfunctionarissen die het onderzoek uitvoeren lopen vaak binnen met vragen en vragen om overleg om de voortgang van het onderzoek te bespreken. Bij de RvdK moeten we vaak ingewikkelde, zwaarwegende beslissingen nemen. Dat doen we niet alleen, maar in een multidisciplinair team, waar je als gedragsdeskundige een zinvolle bijdrage levert. De RvdK stelt het belang van het kind altijd centraal in het onderzoek, en kijkt wat er nodig is voor een kind om veilig op te groeien in zijn of haar omgeving. Daarbij maak je als gedragsdeskundige jezelf en de rest van je multidisciplinaire team bewust van wat de bemoeienis van de RvdK specifiek betekent voor dit kind. Met jouw kennis van verschillende wetenschappelijke theorieën geef je diepgang aan de overleggen die je bijwoont. We maken hulpverleningsplannen en –doelen concreet door passende hulpverlening te indiceren. We belichten vooral de pedagogische invalshoek, maar in het multidisciplinaire overleg moeten we ook rekening houden met juridische aspecten. Dit geeft voor mij een hele boeiende extra dimensie aan het werk.

Gespreksvoering

Ook bij het voorbereiden van gesprekken met de kinderen is er een rol weggelegd voor de gedragsdeskundige. De Raad voor de Kinderbescherming is zich er steeds meer van bewust dat het spreken en écht luisteren naar het kind centraal dient te staan in het onderzoek. Kinderen moeten ervaren dat hun verhaal ertoe doet en belangrijk is voor het onderzoek. Om dit te bereiken denken gedragsdeskundigen mee over de gespreksvoering - zoals het inzetten van de drie-huizenmethodiek of visuele ondersteuning met woorden of afbeeldingen - maar ook over algemene verbetering van de werkwijze en methodiek op pedagogisch vlak.

Samenwerken

Als gedragsdeskundige draag je niet alleen bij aan het onderzoek, maar wil je ook de raadsonderzoekers waar mogelijk laten groeien in hun professionele ontwikkeling. Je zet ze in hun kracht door bijvoorbeeld deskundigheidsbevorderingen te geven over diverse thema’s of door samen complexe casuïstiek te bespreken. Ook het voor elkaar zorgen en er zijn voor je collega’s als uitlaatklep is belangrijk. De Raad voor de Kinderbescherming maakt soms zeer ingrijpende beslissingen die veel impact hebben op gezinnen waar de kinderen in verblijven. Dat raakt de medewerkers en het is belangrijk dat we er voor elkaar zijn wanneer het even niet zo lekker loopt of wanneer er lastige beslissingen gemaakt moeten worden.

Kortom, werken als gedragsdeskundige bij de Raad voor de Kinderbescherming is iedere dag weer boeiend, uitdagend en zinvol!

Diagnostiek

Soms blijkt een regulier raadsonderzoek niet toereikend genoeg om de problematiek van een kind in kaart te brengen. Dan wordt de gedragsdeskundige ingevlogen om diagnostiek te verrichten, zodat er meer zicht komt op de onderliggende problematiek. Hierdoor kan er een beter en passender advies gegeven worden wat er nodig is voor dit desbetreffende kind en zijn of haar omgeving. Ook dit is heel leuk en zinvol werk, doordat je dieper in de inhoud van een casus kunt duiken en met de cliënten zelf aan de slag kunt. Kortom, werken als gedragsdeskundige bij de Raad voor de Kinderbescherming is iedere dag weer boeiend, uitdagend en zinvol!