Jurist Elles: ik geef al veel telefonisch advies

26 maart 2020 - “Eigenlijk is er voor ons juristen niet veel veranderd. We doen al heel veel telefonisch. Wat anders is, is dat we vorige week een spoedzaak hadden die helemaal telefonisch is afgedaan", vertelt Elles. Ze is jurist bij de Raad voor de Kinderbescherming en adviseert raadsonderzoekers. “Het is anders omdat ik thuis zit en ondertussen mijn zoon van 9 help met zijn thuisonderwijs.”

Het werk van de Raad voor de Kinderbescherming gaat door. Ook nu. Want huiselijk geweld, mishandeling en conflictscheidingen laten zich niet stoppen door het coronavirus. Dat betekent wel dat we het werk anders moeten doen. Elles vertelt hoe zij dit doet:

“Wij zijn als juristen in de regio waar ik werk verdeeld over twee locaties van de Raad voor de Kinderbescherming. Hierdoor beantwoorden we al veel vragen van onze raadsonderzoekers via de telefoon. Beeldbellen doen we nog niet echt. Het gaat nog ouderwets telefonisch. Videobellen doe ik vooral met m’n moeder -ze is boven de 70- zodat ze even iemand ziet."

De RvdK valt onder de verantwoordelijkheid van het ministerie van Justitie en Veiligheid en is onderdeel van de overheid. Alle adviezen en beslissingen van de RvdK worden gedaan volgens de regels en wetten. De juristen op locaties van de RvdK zijn betrokken bij een aantal van de raadsonderzoeken die daar worden uitgevoerd. De onderzoeken worden bijvoorbeeld gedaan in opdracht van de rechtbank. 

Videobellen kan niet altijd

“Vorige week hebben onze raadsonderzoekers een spoedzaak telefonisch afgehandeld, waarbij ik advies kon geven. Gelukkig was dit ook een zaak waarin dat kon. Soms zijn er complexe zaken waarbij je mensen moet aankijken en de non-verbale communicatie belangrijk is. Bijvoorbeeld bij beperkte jongeren. Of ouders die het niet zo goed begrijpen. Videobellen kan wel, maar niet altijd. Als je ouders hebt die niet meewerkend zijn; die drukken op het knopje en de verbinding is verbroken. Dat is toch anders als je voor hun voordeur staat. Ik denk dat videobellen in sommige zaken belemmerend kan werken, maar we hebben dit nog niet aan de hand gehad."

"Verder ga ik niet meer naar overleggen. Dus mijn agenda is een stuk leger. Maar het werk gaat gewoon door. Mijn zoon is gelukkig heel goed in staat om zelfstandig te werken. En hij begrijpt dat het werk van mama ook doorgaat. Maar soms loopt dat ook anders. Van de week had ik een telefonisch overleg en smeet hij in een nijdige bui een deur dicht.”