Vluchtelingenkinderen en kindermishandeling

Bij geweld in het gezin of bij kindermishandeling kan het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA) de gemeente inschakelen.

De gemeente of organisatie die hulp biedt (zoals Veilig Thuis) kan advies geven over vrijwillige hulp. Als vrijwillige hulp niet genoeg is om het probleem op te lossen, dan kan de gemeente of Veilig Thuis het probleem melden bij de Raad voor de Kinderbescherming. Dit is hetzelfde als bij problemen in gezinnen met een Nederlandse nationaliteit.

Kinderbescherming

Als een gezin gemeld is bij de RvdK omdat vrijwillige hulp niet helpt, dan doet de RvdK onderzoek naar het gezin. De RvdK kan een ondertoezichtstelling verzoeken bij de rechter. Er komt dan verplichte hulp. Dit heet een jeugdbeschermer of gezinsvoogd.

Ook bij minderjarige vluchtelingen die met hun ouders in Nederland zijn, kunnen problemen in de opvoeding ontstaan. Wanneer de kinderen nog in een opvanglocatie van het Centraal Orgaan Asielzoekers (COA) wonen krijgen ze een jeugdbeschermer van Nidos. Wanneer de kinderen in een huis van een gemeente wonen, dan is de jeugdbeschermer iemand van een organisatie waarmee die gemeente samenwerkt.

Problemen in de opvoeding kunnen ontstaan doordat de ouders en kinderen in een verschillend tempo integreren in Nederland. Ook de spanningen van het wel of niet krijgen van een verblijfsvergunning, onzekerheid over de toekomst, vluchteling zijn, trauma’s opgelopen in het land van herkomst, de asielprocedure en het langdurig verblijf in verschillende opvanglocaties, kunnen problemen geven.