Informatie voor ouders: onderzoek bij schoolverzuim
Is uw kind (12-18 jaar) vaak niet op school? En is het niet gelukt om daarvoor een oplossing te vinden, ook niet met hulp van de leerplichtambtenaar? Dan kan de officier van justitie of de rechter beslissen dat uw kind daarvoor een straf en/of hulp krijgt. De Raad voor de Kinderbescherming denkt mee. We geven een advies over wat uw kind het beste kan helpen om weer naar school te gaan.
We begrijpen dat er veel op u afkomt. Misschien heeft u behoefte aan meer uitleg. Neem gerust contact op met de raadsonderzoeker. U kunt ook bellen met de locatie in uw regio. Het telefoonnummer vindt u bij locaties en contact.
Start onderzoek

Als we een onderzoek vanwege schoolverzuim starten, krijgt u een brief met uitleg. Vaak is er een wachttijd voordat we beginnen. Met ons onderzoek willen we u en uw kind beter leren kennen. Hoe komt het dat uw kind vaak afwezig is op school? En wat is er nodig om uw kind weer naar school te laten gaan?
We vinden het belangrijk om goed met u, uw kind en anderen samen te werken. Zodat we in ons advies rekening kunnen houden met de situatie van uw kind.
Gesprekken met de raadsonderzoeker

Als we zo ver zijn, krijgt u een uitnodiging voor een gesprek met de raadsonderzoeker. Dat is een medewerker van de Raad voor de Kinderbescherming. Het gesprek gaat over hoe het gaat met uw kind en hoe u naar het spijbelen kijkt. Ook kunt u vertellen wat er volgens u nodig is om uw kind weer naar school te laten gaan.
Als u dat prettig vindt, kunt u iemand meenemen naar het gesprek. Iemand die meeluistert en met u meedenkt. Dat kan een vriend of familielid zijn, maar ook een advocaat of hulpverlener.
Uw kind krijgt ook een uitnodiging voor een gesprek met de raadsonderzoeker. Ouder(s) zijn niet bij dat gesprek. Het is belangrijk dat uw kind vrijuit kan praten. Er kan wel iemand anders mee die uw kind vertrouwt en steun biedt. Uw kind kan bijvoorbeeld kiezen voor een ander familielid of een bevriende leeftijdgenoot.
Tijdens het onderzoek praat de raadsonderzoeker ook met mensen uit uw omgeving. Meestal zijn dit betrokken professionals zoals de leerplichtambtenaar of iemand van school. We noemen hen: informanten. De raadsonderzoeker bespreekt met u en uw kind wie uit het professionele netwerk kunnen bijdragen aan het stoppen van het schoolverzuim. Of en welke informanten de raadsonderzoeker vraagt, beslist die zelf. U krijgt uitleg over die keuze.
Na het gesprek maakt de raadsonderzoeker een gespreksverslag. Daarin staat niet alles wat er is besproken, maar wel wat belangrijk is voor het onderzoek en het advies aan de officier van justitie of de rechter. Het gespreksverslag komt later in het rapport.
Wilt u het gespreksverslag zien voordat het in het rapport komt? Overleg dat gerust met de raadsonderzoeker.
Het rapport

Na alle gesprekken schrijft de raadsonderzoeker een rapport. Daarin staat ons advies aan de officier van justitie of de rechter: welke straf en/of hulp denken we dat uw kind nodig heeft om weer naar school te gaan? De raadsonderzoeker bespreekt het advies met u.
Heeft u opmerkingen? Of staat er iets in het rapport dat echt niet klopt? Geef dit binnen 5 werkdagen door aan de raadsonderzoeker. De raadsonderzoeker past feitelijke onjuistheden aan. Dus bijvoorbeeld: een datum of naam die niet klopt. Andere opmerkingen voegt de raadsonderzoeker toe aan het definitieve rapport. Daarna sturen we het rapport naar de officier van justitie en zo nodig de rechter. Ook u en uw kind (> 16 jaar) krijgen het rapport.
De beslissing van de officier van justitie of de rechter

De officier van justitie of de rechter beslist over de straf en/of hulp. Als de officier van justitie beslist, dan nodigt die uw kind eerst uit voor een gesprek. U mag ook bij dat gesprek zijn. Aan het einde van het gesprek hoort u de beslissing van de officier van justitie.
Beslist de rechter, dan volgt er een zitting bij de rechtbank. Zowel uw kind als u moeten bij die zitting zijn. Vaak stelt de rechter u dan ook vragen. Aan het einde van de zitting hoort u de beslissing van de rechter.
Extra onderzoek bij ernstige zorgen over veiligheid of ontwikkeling kind
Zijn er ernstige zorgen of uw kind veilig kan opgroeien? Dan kunnen we besluiten om naast het onderzoek vanwege schoolverzuim ook een beschermingsonderzoek te starten. Tijdens zo’n beschermingsonderzoek zoeken we uit wat er nodig is om de situatie voor uw kind te verbeteren. Denken we dat een beschermingsonderzoek nodig is? Dan hoort u dat van de raadsonderzoeker. Ook krijgt u een brief met informatie over het onderzoek.
Lees meer over beschermingsonderzoek
Veelgestelde vragen over Onderzoek bij schoolverzuim
Wanneer een leerling vaak of langere tijd niet naar school gaat, is dat een reden tot zorg. Door onderwijs te volgen, ontwikkelt een kind zich en kan het later zelfstandig meedoen in de samenleving. Wanneer vrijwillige hulp onvoldoende werkt, komt de Raad voor de Kinderbescherming in actie. Het is onze taak om onderzoek te doen naar de oorzaken van het schoolverzuim en advies te geven over passende hulpverlening en/of een straf. Het doel van het advies is dat de jongere weer onderwijs gaat volgen en eventuele problemen worden aangepakt.
De Raad voor de Kinderbescherming vindt het belangrijk om uw verhaal, standpunten en wensen goed te begrijpen. Daarom willen we u graag persoonlijk spreken.
Iemand meenemen die u vertrouwt
U kunt iemand meenemen die meedenkt en ondersteunt: een vertrouwenspersoon. Dat kan een vriend of familielid zijn, maar ook een advocaat of hulpverlener.
Meewerken is wel verstandig
U bent niet verplicht om mee te werken aan het onderzoek, maar het is wel verstandig. De Raad voor de Kinderbescherming gaat namelijk wel door met het onderzoek. Door met ons in gesprek te gaan, kunnen we rekening houden met hoe u naar het schoolverzuim van uw kind kijkt.
U mag een geluidsopname maken als deze voor eigen gebruik is en u de privacy van anderen niet schendt. Het is wel fijn als u met de raadsonderzoeker overlegt wat u opneemt en hoe u dat doet. We maken graag afspraken over het gebruik van de opname. Zijn er anderen bij het gesprek? Dan heeft u van hen toestemming nodig voor de opname.
De gesprekken met de raadsonderzoeker zijn in het Nederlands. Spreekt u (nog) geen Nederlands? En kunt u uw verhaal beter uitleggen in een andere taal? Geef dat gerust door aan de raadsonderzoeker of de locatie in uw regio. Wij regelen dan een tolk voor u. De tolk vertaalt via de telefoon het gesprek. Zo kunnen u en de raadsonderzoeker elkaar goed begrijpen.
